Skip to main content

Zingende banketbakkers

Scenarist en docent Marc Veerkamp over de genreles musical

“Ik háát het als een banketbakker zomaar begint te zingen...” Het is een typische verzuchting van een musicalhater. Ik hoor ze vaak. Maar tegen een bataljon aan criticasters staat een volledig leger van fans. Het genre is tegenwoordig overal. De verfilming van de Broadway musical Wicked liet de kassa’s rinkelen. Ook is er Mufasa, een vervolg op The Lion King, met nieuwe songs van Lin-Manuel Miranda. En dan is er ook nog de controversiële arthousehit Emilia Pérez. Drie totaal verschillende films, die de rijkheid van het genre onderstrepen.

In een geslaagde musical worden dans, zang, muziek gebruikt om het verhaal invoelbaar te maken. Hoe je dat zou kunnen doen, probeer ik uit te leggen tijdens een genreles die ik geef aan eerste- en tweede jaars. Drie uur lang ga ik in op de geschiedenis van de musical, de conventies maar ook op mijn eigen ervaring als scenarist en theatermaker. Daarnaast vraag ik naar de favoriete musicals van de studenten, waardoor er een gesprek ontstaat. Tussen het praten bekijken we fragmenten om te zien op welke manier zang en dans narratief worden ingezet. Hoe kun je toon en thema introduceren in een openingsnummer? We luisteren naar een I want-song, die de motivatie van de protagonist schetst en een finale waarin alle narratieve draadjes aan elkaar worden geknoopt.

Wat ik hoop mee te geven is dat cinema een verzamelkunst is, waarin talloze vormen van creativiteit bij elkaar komen. Choreografie, muziek, vormgeving et cetera. Met deze middelen kun je de emoties van je personages uitdiepen, maar dan wel op een metaforische manier. Want zang is in dit genre een vorm van stilering. Misschien is dat stiekem wel wat ik wil overbrengen: musicals gaan niet over zingende banketbakkers, net zoals de schilderijen van Picasso niet gaan over mensen met drie neuzen.